De Platteweg

De geschiedenis van een Reeuwijkse landweg.

Oorsprong naam:  In ons land zijn er heel wat dorpen die een Platteweg kennen, sommige daarvan in heuvelachtig gebied, de naam spreekt dan voor zichzelf.
Onze Platteweg ligt echter in een streek waar alle wegen plat of vlak zijn. De herkomst van de naam, die al op de oudste kaarten voorkomt,  is derhalve onduidelijk.

Oude ontginning;   In de periode van omstreeks 1100-1300 werd onze streek beheerst door twee machten, allereerst stond het gebied onder invloed van
de Bisschop van Utrecht, wat later eiste  ook het Graafschap van Holland  delen van het bestuur voor zich op. Het Reeuwijkse gebied lag in feite tussen deze
twee machten in en vormde daar als  het ware  een soort kreukelzone waar graaf en bisschop elkaars macht betwistten. 

In 1128 behoorde het land ten noorden van de Hollandse IJssel  aan de bisschop die het in 1138  toewees aan het Utrechtse kapittel van Oudmunster. 
In die tijd waren de verschillende kloosters actief met dat aanleg van dijken en de ontginning van het achterliggende land. 
De graaf van Holland ontgon het woeste  land van uit het Kennemerland. De Utrechtse ontginners werkten wat minder strak georganiseerd
waarschijnlijk door het soms wat verschillende aanpak van de verschillende kloosters.
Na aanleg van de dijk  aan de IJssel  ging met het achterliggende land ontginnen.  Men werkte in percelen van  ongeveer 115 meter breed,
gescheiden door een afwateringssloot en ging landinwaarts tot ongeveer 1200 meter.
Dan legde men een achterdijk aan, die later  veelal tot polderweg diende. Hier vanuit begon men met een tweede slag volgens dezelfde opzet.
Het nieuwe land bestond dan zo uit percelen van ca 115  bij 1200 meter. De praktijk had geleerd dat dit voldoende was om er een rendabel
boerenbedrijf op te beginnen. Zo’n perceel werd ook wel een ‘hoeve’ genoemd. Als men van een niet rechte dijk uitging kreeg ook het nieuwe achterdijkje dezelfde vorm.
Dit zal ook de reden zijn dat de huidige  Platteweg dezelfde kniek of flauwe bocht vertoond die we ook in het tegenover liggende deel van de IJssel zien.
Merkwaardig is echter dat deze bocht niet aanwezig s in de oude Tiendweg  (voorwilensd) en de Achterwuillens.
Ook de afstand tussen Voor- en Achterwillens is kleiner dan 1200 meter.  Het is zo en we weten niet waarom!  De polder die hier vanuit de IJssel werd gevormd is de Willens polder 
Meer  naar het oosten werd het Land van Stein gevormd.  De tweede ontginningsslag eindigde derhalve bij de Platteweg, of juister gezegd bij de voormalige Willenskade
die er vlak naast liep Bij de Platteweg stopte de Utrechtse ontginning en bleef er ten noorden van nog onontgonnen gebied liggen. 
Zo rond 1270 bezat de Utrechtse bisschop een brede strook land naast de IJssel, de plaats Gouda en delen van Bloemendaal.   

 

Van Utrecht naar Holland    In 1267 overleed Hendrik I van Vianen, de bisschop van Utrecht.
Hij zou opgevolgd worden door Jan I van Nassau die echter geen aanstelling van de paus kreeg, hij bleef zoals men dat noemde een ‘elect’ wel gekozen maar niet aangesteld.
Daardoor was zijn macht beperkt, reden voor de toenmalige graaf van Holland, Floris V, om in 1272 de Utrechtse  plaats  Gouda stadsrechten te verlenen waardoor Gouda en omgeving
( lees Platteweg)  Hollands gebied werden.  Gevolg was ook dat de ontginningen vanuit de Platteweg noordwaarts,  de polder Elfhoeven,  nu Hollandse ontginningen waren. 

De Platteweg werd zo een deel van het ambacht Sluipwijk en groeide uit tot de dichtstbevolkte buurt daarvan. De zuidzijde van de Platteweg bleef deel uitmaken van de polder
Willens, dat is pas rond 1870 deel van Sluipwijk (Reeuwijk) geworden.  Alleen  de zg, ‘ korte kamp’ bleef als zuidelijk deel wel bij Sluipwijk, om reden van het feit dat de
noordgrens van Willens in feite de Willenskade was die vlak naast de Platteweg liep, Alleen ging deze kade om de Korte Kamp heen, zodat dit stukje  niet bij de Willens
behoorde.  Van deze Willenskade is nu niets meer terug te vinden. De polder Elfhoeven omvatte geen elf hoeven, maar werd door de graaf verdeeld in 22 halve hoeven
wat in de praktijk te klein was voor een boer om daar een volledig bedrijf  uit te oefenen. Het was niet eenvoudig om hier pachters voor te vinden.
Ter compensatie zou een pachter de eerste drie jaar geen erfpacht moeten betalen, later wel 2 schellingen aan zijn Heer en  ook diende hij zijn buren op bier te trakteren.

In het begin van de 19e eeuw stonden er aan de Platteweg  aan de noordzijde ongeveer dertig woonhuizen, waaronder enkele boerderijen, twee scheepswerven
en enkele kroegen. In een daarvan ‘Het Houten Huis’( nu nr. 31 ) werden de  raadsvergaderingen van Sluipwijk gehouden. Aan de zuidzijde  (Willenskant dus)
stonden een zestal flinke boerderijen en enkele daggelderswoningen. Later kwamen er ook enkel tuinderijen

Weg en water  ;De oude Platteweg, zeg voor 1960 was niet wat men verstaat onder een platte weg, het was een landweg vol kuilen en wagensporen.
In de regentijd stonden de kuilen vol water en was het geheel tamelijk modderig. Jaarlijks werden de kuilen met grind opgevuld, maar na een week was al
het grind er uit gereden en waren de kuilen weer terug. Omstreeks 1960 werd de weg geasfalteerd en was het met recht een platte weg.
Ook de naastgelegen wetering zag er vroeger anders uit, allereerst geen bomen langs het water. Er was immers vrijdruk verkeer van schouwen en andere vaartuigen,
reden waarom er jaarlijks schouw werd gedreven waarbij gecontroleerd werd op diepte van de watergang en ook waterplanten dienden verwijderd te worden. 
Elke week kwamen de schouwen met groente van de verschillende tuinders langs op weg naar de groenteveiling, die toen aan de Bodegraafse straatweg was gelegen. 
Ook alle bruggen moesten  geopend kunnen worden, en elke huiseigenaar was verplicht op het hoornsignaal van de tuinder zijn brug te openen.

 

Platteweg nu : De laatste 40 à 50 jaar is het aanzien van de Platteweg sterk veranderd.
Op de boerderijen wordt niet meer geboerd, de meesten zijn verbouwd tot veelal luxueze villas. De winkel is weg, De tuinderij die er nog is vervoert zijn waren per vrachtauto.
Langs de waterkant zijn veel bomen geplant die de weg een totaal ander aanzicht hebben gegeven en de vrij gekomen arbeiderswoningen zijn of gesloopt en vervangen
door veelal grotere nieuwbouw of in het gunstigste geval heeft men de buitenkant van het huisje onveranderd gelaten en het interieur geheel vernieuwd. 
Al met al is de weg totaal van aanzien veranderd. Het is een luxe en daardoor zeer kostbare woonwijk geworden en alleen op oude foto’s zien we de landelijke schoonheid
en eenvoud van de oude Platteweg nog terug.